Osteopathie: meer dan de plaats waar je pijn voelt
- fredericvanburm
- 17 jul
- 4 minuten om te lezen
Waarom klachten steeds terugkomen
Een marathonloper met telkens dezelfde hamstring-of kuitblessure.
Een wielrenner met een hardnekkige liesklacht.
Een tennisser met een elleboog die ondanks oefeningen blijft opspelen.
Of iemand die al jaren kampt met nek- of rugpijn zonder een blijvende oplossing te vinden.
Zelden bevindt de oorzaak zich enkel precies waar de pijn wordt gevoeld. Soms vertelt het lichaam een heel ander verhaal. Iedereen kent het klassieke voorbeeld: pijn in de linkerschouder of linkerarm kan wijzen op een probleem van het hart. De pijn ontstaat niet in de schouder zelf, maar wordt vanuit een inwendig orgaan naar een andere plaats in het lichaam geprojecteerd. Dit noemen we gerefereerde pijn (referred pain).
Wat veel minder mensen weten, is dat dit principe slechts één voorbeeld is van een veel uitgebreider neurologisch communicatiesysteem en dat er gradaties bestaan. De plaats waar je pijn voelt, is namelijk niet altijd de plaats waar het probleem begint. Zeker bij afwezigheid van valpartijen en allerlei andere ongelukken.
Je lichaam vertelt meer dan alleen waar het pijn doet
Het menselijk lichaam beschikt over een verfijnd communicatiesysteem. Wanneer een orgaan of een lichaamsregio onder verhoogde belasting staat of minder goed functioneert, zullen op andere plaatsen subtiele veranderingen ontstaan. Niet alleen pijn, maar ook veranderingen in spierspanning, bindweefselstugheid, huidtemperatuur, huidkleur, beweeglijkheid van gewrichten en zelfs de pupilreactie kunnen aanwijzingen geven over wat zich dieper in het lichaam afspeelt.
Vaak ontstaan deze signalen al voordat er duidelijke ziekteverschijnselen of structurele letsels zichtbaar zijn. Foto's of beeldvorming zijn heel vaak negatief. Die signalen vormen wel als het ware de taal waarmee het zenuwstelsel laat zien dat ergens het evenwicht verstoord raakte. En er nood is aan terug in evenwicht brengen.
Voor een osteopaat zijn die segmentale signalen belangrijke klinische aanwijzingen. Tijdens het onderzoek kijken we daarom niet uitsluitend naar de plaats van de klacht, maar proberen we te begrijpen waarom die klacht juist daar ontstaat.
Dat geldt niet alleen voor mensen met langdurige rug-, nek- of schouderklachten, maar ook voor sporters die telkens dezelfde regio overbelasten of ondanks revalidatie steeds opnieuw dezelfde blessure oplopen.
Waarom die verbanden al vóór onze geboorte ontstaan
De verklaring hiervoor vinden we verrassend genoeg in onze embryonale ontwikkeling.
Tijdens de eerste weken van het leven ontwikkelt het embryo zich in opeenvolgende schijven of zogenaamde segmenten. Elk segment vormt een gemeenschappelijke bouwsteen waaruit huid, spieren, gewrichten, zenuwen én delen van de inwendige organen samen ontstaan.
Alle structuren binnen zo'n segment delen dan oorspronkelijk dezelfde zenuwvoorziening.
Hoewel de organen zich tijdens de groei ver verplaatsen, blijven die oorspronkelijke neurologische verbindingen behouden. Daardoor kunnen een orgaan en een huid-, spier- of gewrichtsgebied later anatomisch ver uit elkaar liggen, terwijl ze via het zenuwstelsel nog steeds nauw met elkaar verbonden blijven. Dat verklaart waarom een verstoring van een orgaan zich soms uit als verhoogde spierspanning, een gevoelige huidzone of pijn op een plaats waar je de oorzaak nooit zou verwachten.
Een zwaar belaste lever kan bijvoorbeeld spanning veroorzaken in de middenrug of uitstralen naar de rechterschouder. Het hart kan pijn geven in de linkerarm. Een blaas in de lage rug. De plaats van de pijn vertelt dus niet het hele verhaal.
Deze kennis bestaat al meer dan een eeuw
Segmentale verbanden tussen organen en het bewegingsapparaat zijn uitgebreid beschreven door onderzoekers zoals Sherrington, Head en MacKenzie.
In de jaren zestig bundelden de Duitse onderzoekers Hansen en Schliack een indrukwekkend overzicht van segmentale verschijnselen bij beginnende inwendige aandoeningen. Hun werk liet zien hoe opmerkelijk consistent deze neurologische patronen kunnen zijn.
De wetenschap achter hoe de osteopaat kijkt en zal behandelen is dus allesbehalve nieuw.
Waarom hoor je hier zo weinig over?
De moderne geneeskunde heeft enorme vooruitgang geboekt dankzij beeldvorming, bloedonderzoek en andere diagnostische technieken. Daardoor kunnen aandoeningen vandaag veel nauwkeuriger worden opgespoord dan vroeger.
Tegelijkertijd kreeg het verfijnde lichamelijke onderzoek steeds minder aandacht. Segmentale verschijnselen vragen immers tijd, ervaring, een grondige kennis van de neuroanatomie en een getraind observatie-en palpatievermogen.
Ze vervangen geen medische diagnose en worden nooit los daarvan geïnterpreteerd. Wel kunnen ze waardevolle klinische informatie opleveren die, samen met de anamnese en aanvullende onderzoeken, helpt om het totale functioneren van het lichaam beter te begrijpen. Zo sport je niet enkel met je bewegingsapparaat, maar met het hele lichaam.
Binnen de (academische opleidingen) osteopathie neemt deze manier van klinisch redeneren een belangrijke plaats in.
Waarom chronische klachten en sportblessures blijven terugkomen
Veel mensen behandelen jarenlang dezelfde klacht.
De schouder. De onderrug. De nek. De hamstring.
Of telkens opnieuw dezelfde tenniselleboog, kuitblessure of liespijn.
Wanneer een blessure steeds terugkeert, een spiergroep voortdurend overbelast raakt of een bepaald lichaamsgebied opvallend gevoelig blijft, is het zinvol om verder te kijken dan alleen het pijnlijke weefsel. Hoe vroeger, hoe beter. Segmentale verschijnselen wijzen immers naar nog omkeerbare klachten.
Ook binnen de topsport piekt de aandacht voor de factoren die herstel en belastbaarheid beïnvloeden. Tijdverlies kan het verschil bepalen tussen winst en verlies. Niet alleen de blessure zelf, maar ook de neurologische, mechanische en functionele samenhang van het lichaam krijgt daarbij steeds meer aandacht.
Juist daar kan een osteopathisch onderzoek en behandeling je meest waardevolle zet zijn!
Waarom osteopathie verder kijkt dan de pijnplek
Tijdens een osteopathisch onderzoek zoeken we naar de verbanden tussen verschillende lichaamsregio's en de manier waarop het zenuwstelsel deze met elkaar verbindt.
Segmentale signalen vormen op zichzelf nooit een diagnose. Ze zijn klinische aanwijzingen die samen met het verhaal van de patiënt, het lichamelijk onderzoek en eventuele aanvullende diagnostiek bijdragen aan een juister en veel vollediger beeld.
Door die samenhang te onderzoeken, proberen we niet alleen de klacht te behandelen, maar ook factoren op te sporen die kunnen bijdragen aan terugkerende overbelasting of herval.
Dat maakt osteopathie niet alleen interessant voor mensen met langdurige klachten, maar ook voor recreatieve sporters en topsporters die sneller willen herstellen en hun belastbaarheid willen optimaliseren.
De klacht is zelden het hele verhaal
Het lichaam vertelt dus vaak en heel vroeg dat ergens iets uit balans raakt.
Je moet alleen weten waar je moet kijken.
Heb je al langere tijd dezelfde klachten? Keren blessures steeds terug? Of wil je weten waarom je lichaam telkens dezelfde signalen blijft geven? Dan kan een uitgebreid osteopathisch onderzoek nieuwe inzichten bieden. Soms ligt de sleutel tot herstel namelijk niet op de plaats waar de pijn zit, maar in het verhaal dat het lichaam daarachter vertelt.
Wil je weten of osteopathie voor jou is? Neem dan een afspraak via deze website, telefonisch of online.


Opmerkingen